Het magazine voor West-Brabant en de Gemeente Tholen
  • Het gratis
    huis-aan-huismagazine
    in uw regio!
  • “Heel mijn leven is op de tuin gericht”

    Brabantse Wal / Roosendaal oktober 2013

    BW / Roosendaal
    oktober 2013

    De auto is amper tot stilstand gekomen als Laura Dingemans met uitgestoken hand op me afkomt. In regenlaarzen met een gehavende trui en broek en een veeg op haar wang, verontschuldigt ze zich voor haar uiterlijk. “Na die regenbuien van de afgelopen dagen moeten de rozen echt gesnoeid worden.” De Heerlese zet echt alles opzij voor haar levenswerk. “Heel mijn leven is op de tuin gericht.”

    De tuinen aan de Herelsestraat zijn een ware trekpleister. Tuinliefhebbers kunnen tussen 1 april en 1 oktober op drie middagen in de week de bloemen, planten, bomen, grassen en vijvers bezoeken. Daarnaast wordt twee keer per jaar een open dag gehouden, zoals op zondag 29 september. De liefde voor het tuinieren is bij Laura langzaam gegroeid en eigenlijk uit nood geboren. “Als kind moest ik altijd mijn moeder in de tuin helpen. Dat vond ik vreselijk”, erkent ze lachend. “Op deze plek woonden mijn schoonouders. Toen zij de boerderij verlieten, woonden wij op een flat in Roosendaal. Mijn man was hier geboren en wilde eigenlijk wel graag terug. We hebben het huis verbouwd in 1975, waarna de buitenboel mooi moest worden gemaakt. We wisten niets van tuinieren en hebben een bevriende boomkweker ingeschakeld. Hij plantte het vol met wat hij kweekte: coniferen, heide en azalea’s. Mijn man gaf indertijd les op de agrarische school in Oudenbosch. De scholieren kweekten eenjarige plantjes. Wat overbleef, plantte ik in de tuin. Het was een kleurrijk gezicht, dat wel.”

    In de ban

    Laura sloot zich aan bij een tuinclub. “We gingen in Zeeland naar tuinen kijken. Daar ging een wereld voor me open. Ik zag veel borders en vaste planten, echt heel anders dan mijn tuin. Die ben ik lieverlee gaan veranderen.” De Heerlese raakte helemaal in de ban van tuinieren, toen zij met een vriendin op tuinenreis naar Engeland ging en die twaalf jaar achter elkaar herhaalde. “Mijn man had niets met tuinen en ging dan ook bijna nooit mee. Op een keer was hij er toch bij, toen we een tuin met grote bomen bezochten. Dat vond hij wel wat. Maar onze tuin was daarvoor te klein. ‘Ach’, zei hij, ‘we hebben nog grond genoeg voor een extra tuin.’ Dat zag ik eerst niet zitten, maar opnieuw in Engeland deed ik zoveel ideeën op, dat ik om was. Wel hebben we een goed basisplan laten maken door Bert Vermeyden van Garden Tours tuinreizen. Zelf heb ik het beplantingsplan gemaakt.”

    Tuinkamers

    In 1997 werd gestart met de aanleg van de extra tuin van 6000 vierkante meter, die uit tuinkamers bestaat. “Dan krijg je niet meteen alle planten op je netvlies”, licht Laura toe. Elke kamer heeft zijn eigen thema. Zo is er een grassentuin met vooral rood en oranje, een purperen tuin met donkerrood en lilaroze en een informele kamer met veel bomen en struiken.” De tuin heeft bovendien twee vijvers en een miniboomgaard. De Heerlese geniet van elk seizoen. “In januari vormen de vele sneeuwklokjes één witte deken. In mei heb je heel veel verschillende soorten groen en in het najaar zie je weer andere kleuren. De asters zijn nu allemaal in bloei en de grassen worden nu op z’n mooist. De tuin stopt echt niet op 1 augustus. Ik kijk wel uit naar oktober, als we gesloten zijn. Ik vind het hartstikke leuk om mensen te ontvangen. Maar als we dicht zijn, kan ik aan het werk zonder dat ik rekening hoef te houden met bezoek.”

    Uit m’n ritme

    Tuinieren is echt haar lust en haar leven. “Als het een dag regent en ik kan niet naar buiten, dan ben ik uit m’n ritme. Binnen kan ik moeilijk mijn draai vinden. Is het even droog, dan duik ik weer de tuin in. Er is altijd wat te doen. Veel mensen zitten in hun tuin, maar dat doe ik bijna nooit. Het enige plekje waar ik soms zit te lezen, is de boomgaard. Daar zie ik ook niet wat er nog moet gebeuren. Het tuinonderhoud is weliswaar veel werk, maar bij een baas moet je ook hard werken. Bovendien helpt twee dagdelen in de week iemand uit het dorp mee, heb ik een buxusknipper en doet mijn man het grove werk. Zolang we het samen kunnen doen, gaan we ermee door. We vinden het nog veels te leuk.”





    Ook in deze editie