Het magazine voor West-Brabant en de Gemeente Tholen
  • Het gratis
    huis-aan-huismagazine
    in uw regio!
  • “Een zuchtje en hij staat al voor mij klaar”

    Tholen november 2013

    Tholen
    november 2013

    Een jaar geleden kwam het leven van Henk en Marlis Janssens uit Poortvliet op zijn kop te staan, toen Marlis werd getroffen door een herseninfarct. Na acht maanden revalideren keerde zij terug naar huis, maar zoals vroeger wordt het nooit meer. “Marlis mag alleen nog maar in bed liggen of in haar rolstoel zitten. Ze heeft continu verzorging nodig”, vertelt echtgenoot Henk. Hij werd, zoals velen, van de ene op de andere dag mantelzorger. “Het is zwaar. Er waren dagen dat ik het niet meer zag zitten, maar je móet doorgaan. Je kan niet anders.”

    Marlis genoot nét van haar pensioen, toen zij de beroerte kreeg. “Praten, lopen, ik kon helemaal niks meer”, blikt zij terug. Na acht maanden revalideren gaat het inmiddels een stuk beter. “Lopen mag ik nu alleen maar kleine stukjes, met behulp van een stok. Het praten gaat ook beter dan voorheen, maar mijn geheugen is niet goed meer. Ik hou geen informatie meer vast. De knijpers zijn versleten”, vertelt zij.

    Hulp

    De revalidatieperiode was zwaar voor het hele gezin. Marlis herstelde in Goes, terwijl Henk in zijn eentje het huishouden probeerde te verzorgen. Door zijn artrose en rugklachten geen makkelijke opgave. “Ik kreeg zelf een klein persoonsgebonden budget voor hulp in het huishouden”, legt hij uit. Mevrouw Uyl werd voor deze taak aangenomen en die beslissing bleek goud waard. De huishoudelijke hulp had een verpleegachtergrond en helpt nu nog steeds bij het verzorgen van Marlis. “Zo doet zij ‘s ochtends vroeg de katheter. Zonder haar hulp hadden wij hier niet meer kunnen wonen”, stelt Henk resoluut.

    Skype

    Tijdens het revalideren hield het echtpaar iedere dag contact via Skype. Ook zoon Olaf bleef vanuit het Amerikaanse Kentucky zo op de hoogte van alle ontwikkelingen. “Ik had daar net een huis gekocht. Natuurlijk besef je wel dat je ouders ooit iets kan overkomen, maar mijn moeder was pas 67. Mijn eerste reactie was dan ook: koffers pakken en terug naar huis. Maar dat hadden mijn ouders nooit goed gevonden.” Met vallen en opstaan revalideerde Marlis: “Zonder Skype had ik het niet overleefd. Het was zwaar. Skype was echt een reddingsmiddel. Voor ons allemaal.” Olaf knikt instemmend: “Omdat ik in het buitenland woon, voel ik me soms wel machteloos. Je hoort de verhalen aan, ook van alles wat misgaat. Dat is niet fijn om te horen, maar ik weet wel dat mijn ouders eerlijk en open alles tegen mij vertellen. Dat is belangrijk. Zo weet ik in ieder geval precies wat er speelt. Elkaar in bescherming willen nemen, werkt niet. De waarheid komt altijd boven tafel en dan is een klap alleen maar groter. Als mijn ouders vertellen dat het redelijk of goed gaat, dan weet ik bovendien ook dat het zo is.”

    Toewijding

    Henk merkte dat hij als mantelzorger zelf soms ook de nodige steun kon gebruiken. “Er zijn tijden geweest dat ik het echt niet meer zag zitten. Hoge zorgrekeningen stroomden binnen, in huis ging van alles kapot. Mijn artrose speelde op. Ik wist soms niet meer wat ik moest doen.” Toch blijft doorgaan de enige keuze. “We willen hier namelijk sámen blijven wonen. Dat kan gelukkig dankzij hulp die wij krijgen, van mevrouw Uyl, maar ook van de vrijwillige thuiszorg. Verder is Marlis geheel afhankelijk van mij. Dat botst wel eens. Zo wil zij bijvoorbeeld het liefst zo veel mogelijk erop uit, terwijl ik de energie er vaak niet voor heb. Ik kan alleen mijn best doen. We slapen kop aan kop. Marlis hoeft maar een piep te geven en ik sta naast haar bed. In een verzorgingshuis is dat toch anders.” “Ik hoef niet eens te piepen”, voegt Marlis aan. “Eén zuchtje en hij staat al voor mij klaar. Dat is heerlijk om te weten.” Zoon Olaf kan alleen maar instemmend knikken: “Dat is toewijding.”